Wat is het verschil tussen autisme en hooggevoeligheid?

Foto: Aline Serverius

Als klinisch psycholoog geef ik in dit blogbericht meer uitleg over het verschil tussen autisme en hooggevoeligheid.

Ik baseer me hiervoor grotendeels op op het hoofdstuk ‘autisme versus hooggevoeligheid’ uit het boek ‘Mijn kind is hooggevoelig’ van Ilse Van den Daele en Linda T’ Kindt.

Hooggevoeligheid is een persoonlijkheidskenmerk dat bij ongeveer 20% van de mensen voorkomt.

Autisme (ASS) is een ontwikkelingsstoornis die bij ongeveer 1% van de mensen voorkomt.

Hoewel zowel hooggevoeligen als mensen met autisme veel sneller overprikkeld geraken dan de doorsneemens en minder stressbestendig zijn,  liggen hooggevoeligheid en autisme op sommige vlakken ver uit elkaar. In dit blogbericht zet ik de belangrijkste verschillen op een rijtje.

Autisme uit zich op vier terreinen:

1. Communicatie

Wat zegt iemand of doet iemand en wat betekent dit?

Mensen met autisme nemen dingen letterlijk (en hebben het daardoor bijvoorbeeld moeilijk met het begrijpen van spreekwoorden en humor). Ze hebben het ook moeilijk met het gebruik van non-verbale communicatie. Gebaren, intonatie en gezichtsuitdrukkingen zijn moeilijk te begrijpen voor mensen met autisme.

Een belangrijk kenmerk van autisme is het ontbreken van the Theory of Mind. De Theory of Mind is het vermogen om je in de ander te verplaatsen en om het gedrag van de ander te kunnen begrijpen, verklaren en voorspellen. Als dit vermogen minder goed ontwikkeld is, begrijp je jezelf en anderen minder goed. Sociale situaties kunnen dan lastig voor je zijn. Daarnaast kan je soms moeilijk inschatten wat wenselijk gedrag is. Moeite om jezelf in de ander te verplaatsen kan tot veel misverstanden leiden. (bron: Autismecentrum Groningen; www.autismecentrum-groningen.nl)

Hooggevoelige mensen maken net graag gebruik van spreekwoorden en beeldrijke taal. Ze nemen geen dingen letterlijk. Ze zijn ook vaak uitzonderlijk goed in het opmerken en begrijpen van non-verbale communicatie. Hooggevoeligen zijn zeer goed in het ‘lezen’ van anderen, zullen het gemakkelijk merken wanneer iemand liegt, wanneer er een verandering is in iemands intonatie, lichaamshouding enzovoort.

2. Verbeelding

Mensen met autisme hebben weinig voorstellingsvermogen en zullen minder vlug of helemaal geen verbanden leggen en gehelen zien. Zij vertonen vaak stereotiep gedrag en herhalen steeds dezelfde handelingen en rituelen. Zij houden vast aan routines (en hebben het héél moeilijk als daarvan afgeweken wordt).

Hooggevoelige mensen hebben een levendige fantasie en zijn vaak heel goed in het leggen van verbanden en het zien van het geheel. Ze houden minder van verandering dan een doorsneemens, maar het is veel minder extreem dan bij mensen met autisme.

3. Sociale interacties

Mensen met autisme hebben moeite om de gangbare omgangsvormen te begrijpen. Zij kunnen zich moeilijk inleven in gevoelens en gedachten van anderen en hebben het ook moeilijk bij het verwoorden van gevoelens. Ze vertonen vaak weinig mimiek en hebben nauwelijks of geen gezichtsexpressie. Ze zullen vaak anderen ‘imiteren’ of standaardzinnen gebruiken in een poging sociaal aanvaardbaar gedrag te stellen.

Hooggevoelige mensen begrijpen wel hoe je omgaat met elkaar en zijn juist heel empathisch (vaak zelfs té empathisch). Ze kunnen soms ook problemen hebben op sociaal vlak, maar de oorzaak ligt dan eerder in sociaal angstig zijn, onzeker zijn, snel overprikkeld zijn en níet in het niet begrijpen van sociale omgangsvormen. Hooggevoeligen zijn bovendien vaak erg goed in het verwoorden van hun gevoelens. Hooggevoeligen zijn vaak zeer expressief, vooral bij mensen die ze goed kennen. In een poging erbij te horen, gaan ze zich vaak aanpassen aan wat ze denken dat anderen van hen verwachten, maar ze vertonen geen imitatiegedrag.

4. Veranderingen

Mensen met autisme hebben vaak moeite met veranderingen. Dat kan al gaan om een kleine verandering in hun omgeving, hun huis, hun straat, hun klas, hun dagelijkse routine, eetgewoontes, bedtijdrituelen enz. Ze hebben te weinig vaardigheden om die verandering te begrijpen en te plaatsen. Hun basisschema voor hoe de dingen eruit horen te zien, laat weinig ruimte voor variatie. Een dergelijke variatie maakt hen angstig.

Hooggevoelige mensen daarentegen kunnen door veranderingen soms wat overprikkeld raken en stress krijgen. Maar ze zijn prima in staat om, soms met wat hulp en uitleg van hun omgeving, de verandering te integreren in hun basisschema.

Waarom dit blogbericht?

Het is belangrijk om hooggevoeligheid en autisme niet met elkaar te verwarren zodat er geen verkeerde diagnoses gesteld worden.

Voor mensen met autisme (ASS) en AD(H)D is een tijdige diagnose vaak cruciaal om de juiste hulp en begeleiding te kunnen krijgen, maar ook hooggevoeligen hebben vaak nood aan steun en hulp om te navigeren in deze prestatiegerichte maatschappij.

Wat hooggevoeligen (HSP’s), mensen met AD(H)D, mensen met autisme (ASS) en hoogbegaafden gemeen hebben, is dat ze neurodivers zijn.

Het erkennen van neurodiversiteit betekent dat er geen ‘normale’ of ‘juiste’ manier van denken of zijn is, maar dat neurologische condities zoals autisme, ADHD en dyslexie moeten worden gezien als natuurlijke variaties van het menselijk brein, in plaats van stoornissen die moeten worden verholpen. (bron:https://www.museumdrguislain.be/nl/onview/neurodiversiteit-als-norm-niet-als-label)

Mensen die neurodivers zijn bezitten, naast de beperkingen die ze hebben, immers vaak ook uitzonderlijke vaardigheden en talenten! Als maatschappij hebben we er baat bij om deze talenten en vaardigheden te erkennen en benutten. Neurodiversen kunnen een meerwaarde betekenen door hun unieke blik op zaken, door vredelievendheid, door te signaleren welke maatschappelijke veranderingen kunnen bijdragen aan meer welzijn voor iédereen, enzovoort.

Goed om weten is dat er niet zoiets bestaat als “de normale mens”. Ik ben het ook eens met psychiater Gabor Mathé wanneer hij stelt dat wat we in onze samenleving normaal vinden dat eigenlijk niet is. Zie blogbericht: normaal of abnormaal?

Dit blogbericht is gedeeltelijk geïnspireerd op het hoofdstuk ‘autisme versus hooggevoeligheid’ uit het boek: Mijn kind is hooggevoelig. Ilse Van den Daele en Linda T’ Kindt.

Heb je een opmerking over dit blogbericht? Laat het me dan weten door te mailen naar praktijkdeberg@hotmail.com