Tagarchief: maatschappij

Chronisch ziek: de mythes ontkracht.

Mensen die chronisch ziek zijn, krijgen helaas nog vaak met onbegrip te maken. Dit komt omdat bepaalde mythes in stand gehouden worden die veroordelend zijn.

Mythe 1: Iemand die een leuk uitstapje kan maken, is niet ziek en kan dus ook gaan werken.
Het grote probleem bij chronisch zieken is dat ze ofwel door chronische pijn of door vermoeidheid of een combinatie van beide veel minder stressbestendig zijn dan hun gezonde medemensen. Bovendien liggen hun grenzen veel lager op veel gebieden: zo zijn ze veel sneller uitgeput na een matige inspanning, hebben ze vaak moeite met concentratie, met naar een computerscherm kijken, met drukte,…
Zelf werk ik om al die redenen maar een beperkt aantal uren per week in mijn praktijk. En ja, op dagen dat de pijn draaglijk is, kan ik wel eens een leuk uitstapje maken. In het begin van mijn ziekteperiode durfde ik dit niet omdat ik me er ontzettend schuldig over voelde niet meer te kunnen werken en wel iets ontspannends (mét pijn weliswaar) te kunnen doen. Ondertussen heb ik geleerd me niet meer te bekommeren om oordelen van anderen en mezelf ook leuke dingen te gunnen. Dat is broodnodig om een goede levenskwaliteit te hebben ondanks ziekte. Het vraagt veel om tegen vooroordelen op te boksen en je er niet door te laten beperken.

Mythe 2: Gezondheid is maakbaar. Als je maar op je voeding let, voldoende beweegt en aan jezelf werkt, dan word je niet ziek.
Er is een tendens merkbaar in de maatschappij die zieken met de vinger wijst en ons wil doen geloven dat we onze gezondheid volledig zelf in de hand hebben, dat we er alles aan kunnen en moeten doen om te voorkomen dat we ziek worden. Toch is het een realiteit dat ook mensen die gezond leven, ziek kunnen worden. En sommige mensen die ongezond leven, worden nooit ziek. Ik ga niet ontkennen dat een gezonde levensstijl de kans op bepaalde ziektes kan verminderen, maar soms slaat het noodlot nu eenmaal toe. Laat ons ook niet vergeten dat de toename van fijn stof, de blootstelling aan straling,… ook allemaal factoren zijn die een chronische ziekte in de hand kunnen werken.
De mythe van de maakbaarheid van gezondheid zorgt voor veroordeling van zieken. Men ziet de ziekte als een gevolg van een ongezonde levensstijl en verkeerde keuzes. Dat is voor iemand die ziek is, heel pijnlijk. Ook hier spreek ik helaas uit ervaring. Het is zelfs zo dat ik lange tijd gezocht heb naar wat ik allemaal verkeerd had gedaan om zoveel pijn te moeten lijden. Het heeft me heel wat uren bij een therapeute (ja, ook psychologen hebben soms zelf nood aan therapie) gekost om opnieuw een positief zelfbeeld op te bouwen en te beseffen dat ik ook mét ziekte nog steeds veel waard ben en iets kan betekenen voor de maatschappij.

Mythe 3: Emotionele en geestelijke groei gaan hand in hand met een verbeterde gezondheidstoestand.
Vooral mensen die een chronische ziekte hebben waarvoor geen adequate behandeling bestaat of die geen sluitende diagnose krijgen, krijgen vaak te maken met dit vooroordeel. Ik heb zelf ook lange tijd gedacht dat ik wel zou genezen als ik een leven zou leiden dat echt bij me paste, als ik maar genoeg groeiprocessen doormaakte,… Ik weet ondertussen dat dit niet zo is. Zo heb ik zelf geleerd af en toe nee te zeggen, heb ik geleerd om gehoor te geven aan mijn eigen behoeften, deze op de eerste plaats te stellen en dan pas te zorgen voor anderen, heb ik geleerd mijn hart te volgen eerder dan te willen voldoen aan de verwachtingen van anderen, heb ik geleerd moed te tonen ondanks angst,… Deze lessen hebben gezorgd voor emotionele en geestelijke groei terwijl mijn gezondheidstoestand erop achteruit blijft gaan… (ik heb Tarlovcystes met overdruksyndroom, chronisch blaaspijnsyndroom, coeliakie, lactose-intolerantie, xeroftalmie,…). Geestelijke groei gaat bij heel veel mensen niet samen met een verbeterde gezondheidstoestand.

Mythe 4: Wanneer je chronisch ziek bent en je houdt je aan je dieet/ je gaat niet over je grenzen/… dan krijg je geen opstoten meer, heb je een stabiel niveau van functioneren.
Hoewel het uiteraard helpend is je voeding aan te passen, je grenzen te respecteren (die veel lager liggen dan bij gezonde mensen) en binnen jouw grenzen aan beweging te doen, de natuur regelmatig op te zoeken,… hoewel dit alles ervoor zorgt dat je een redelijke levenskwaliteit behoudt ondanks je ziekte, kan je er geen opstoot mee voorkomen. Opstoten en progressie van een chronische ziekte, zijn vaak onvoorspelbaar.
Deze mythe hangt samen met de mythe over de maakbaarheid van gezondheid. Ook de progressie van een ziekte heb je niet in de hand. In sommige periodes waarin de ziekte heftig toeslaat, kan een zieke best gewoon aanvaarden dat alles op nog een lager pitje staat en afwachten hoe het evolueert. Zorg en steun van anderen zijn in zo’n periodes onontbeerlijk.
Bij elke opstoot die ik vroeger kreeg, vroeg ik me af ‘ben ik over mijn grenzen gegaan? Heb ik iets gegeten waarvoor ik intolerant ben? Had ik meer yoga (een milde vorm waarbij ik rekening houd met mijn grenzen) moeten doen?’ Dit zorgde telkens bovenop de hevige pijn ook voor schuldgevoelens en schaamte. Nu aanvaard ik het wanneer ik een opstoot heb en probeer mezelf geen verwijten te maken maar mezelf troostend toe te spreken. Ik laat even alles liggen en neem voldoende rust voor ik weer naar een stabiel niveau van functioneren kan gaan binnen mijn lichamelijke grenzen.

Laat ons aub stoppen deze mythes in stand te houden en zieke mensen ter verantwoording te roepen. Laat ons hen begeleiden naar een leven met een goede levenskwaliteit waar bijvoorbeeld ook plaats is voor aangepast werk (op het juiste niveau) binnen de grenzen van het haalbare. Chronisch zieken willen, net als iedereen, een volwaardig lid zijn van de maatschappij en kunnen op hun manier een meerwaarde betekenen voor de samenleving (zij het vaak geen economische). Voor psychiater Elisabeth Kübler-Ross waren haar terminale patiënten en aidspatiënten haar grootste leermeesters. Als ze niet vanuit haar hart naar hen had geluisterd, dan had ze nooit de fasen van rouwverwerking kunnen beschrijven en zou ze zich niet met hart en ziel hebben ingezet voor meer menselijkheid in de psychiatrie en in ziekenhuizen.
Sommige chronisch zieken staan anders in het leven en kunnen ons leren te genieten van de kleine dingen, tevreden te zijn met weinig. Ze kunnen ons leren ons niet druk te maken over onbenulligheden. Ze kunnen ons leren dat het met minder ook kan en dat liefde en zorgen voor elkaar het hoogste goed is. Als je je maar voor hen openstelt, hen niet veroordeelt en soms gewoon aanwezig bent…

Gevoelige keuzes

Gevoelige keuzes

Zullen we een huis kopen of huren? Welke school kiezen we voor ons kind? Kies ik in de supermarkt voor een gele, een oranje, een groene of een rode paprika? Welke kleren zal ik aantrekken vandaag? Wil ik deze job nog doen of zal ik opnieuw een opleiding gaan volgen? Kleine en grote keuzes kunnen ons dagelijks functioneren soms danig in de war sturen. Zeker voor hooggevoeligen is het maken van keuzes niet altijd een pretje. Toch zijn er manieren om op een gezonde manier beslissingen te nemen.

Meerkeuzemaatschappij en keuzestress

We leven in een meerkeuzemaatschappij. Het lijkt wel alsof we voortdurend moeten kiezen uit tal van mogelijkheden en opties. Het aantal te nemen beslissingen is dan ook sterk toegenomen. Het gevolg hiervan is dat veel mensen kampen met ‘keuzestress’. Wikipedia omschrijft keuzestress als een vorm van stress die veroorzaakt wordt doordat iemand overspoeld wordt met info die overwogen moet worden om een ‘goede’ keuze te kunnen maken. 

In het tijdschrift Libelle las ik onlangs het volgende. De Amerikaanse onderzoekster Sheena Iyengar ondernam een experiment met twee groepen kleuters. De ene groep gaf ze een berg speelgoed, de kinderen in de andere groep kregen elk één stukje speelgoed om mee te spelen. Ze ging ervan uit dat kinderen enthousiaster zijn als ze mogen kiezen. Maar de resultaten van het onderzoek weerlegden haar veronderstelling. De groep die veel speelgoed had, draaide besluiteloos rond, terwijl de andere kinderen wel meteen aan de slag gingen. Iyengar dacht dat ze een fout gemaakt had en deed een tweede test met meer speelgoed. En een derde, met nog meer speelgoed. De kinderen reageerden alleen maar slechter: hoe meer keuze, des te lustelozer ze door de klas liepen.

In een volgend experiment stelde ze bij de ingang van een delicatessezaak een tafeltje op met zes confituursoorten die klanten konden proeven. Wat later werd het assortiment uitgebreid naar 24 soorten. Al snel werd duidelijk dat klanten die veel keuze hadden, wel langer talmden in de gang waar de confituur stond maar nauwelijks iets kochten. De groep die een beperkte keuze had, deed dat wel. Dit experiment is ondertussen beroemd omdat het aantoonde dat mensen wel van keuzes houden, maar dat er grenzen zijn aan wat we aankunnen. Een overaanbod brengt ons niet alleen van de wijs, maar maakt ons zelfs minder gelukkig. Mensen zijn immers geneigd te piekeren over wat ze allemaal niet kiezen, waardoor ze uiteindelijk minder gelukkig zijn over de keuzes die ze wel hebben gemaakt.

Hooggevoeligen en keuzes maken

Wij hooggevoeligen zijn vaak perfectionistisch en hebben vaak een sterke controledrang. Het gevolg hiervan is dat we moeilijk keuzes kunnen maken. Hoe meer je van jezelf verlangt om altijd de juiste keuzes te maken, hoe meer je wilt controleren en in de hand hebben hoe je leven verloopt, hoe lastiger het wordt om een beslissing te nemen. Hooggevoeligen springen dan ook vaak niet lichtzinnig om met het maken van een bepaalde keuze.

We zullen wikken en wegen en hebben een enorme angst om de verkeerde keuze te maken. Dit kan ervoor zorgen dat we simpelweg niet kunnen kiezen en een beslissing soms uitstellen. Omdat we keuzes vaak als levensbepalend zien, kunnen we moeilijk loslaten eens we een bepaalde keuze gemaakt hebben. Bovendien kampen we vaak met spijt- en schuldgevoelens en gaan we onszelf vaak verwijten dat we de verkeerde keuze gemaakt hebben.

Maar moeite hebben met keuzes maken is niet per definitie slecht. Het kan zelfs heel goed zijn om lang te wikken en wegen vooraleer je een beslissing neemt. Op die manier neem je vaak een weloverwogen en doordachte beslissing. Je wordt ook behoed voor het nemen van impulsieve beslissingen die schadelijke gevolgen kunnen hebben.

Het is natuurlijk de kunst om niet te overdrijven met het wikken en wegen want dat kan wel eens verlammend werken. Geen nood, ook dan zijn er heel wat hulpmiddelen om tot een beslissing te komen.

Hieronder volgen een aantal tips voor al wie voor een moeilijke keuze staat:

  • Probeer om niet vanuit een bepaalde emotie een beslissing te nemen. Probeer de keuze te maken op een moment dat je ontspannen bent en niet gekweld wordt door angst, kwaadheid of verdriet. Wanneer een keuze overschaduwd wordt door een negatieve emotie, neem dan even afstand, zorg ervoor dat je er even niet meer mee bezig bent. Ga even iets anders doen, bijv. sporten, wandelen in de natuur, lezen, mediteren, je emotie van je afschrijven,… Je zal merken dat je daarna met een frisse blik kan terugkomen op de te maken keuze.
  • Als hooggevoelige is het heel belangrijk je agenda niet vol te plannen en voldoende rustmomenten in te bouwen. Pas dan kan je een keuze maken die aansluit bij wat je diep vanbinnen wil. Neem voldoende tijd voor het nemen van een belangrijke beslissing.
  • Probeer je uiteindelijke doel steeds voor ogen te houden.
  • Vraag raad aan mensen die je kan vertrouwen.
  • Maak een lijstje met voors en tegens.
  • Probeer om in gedachten de keuze te maken en stel je gedetailleerd voor hoe het zou zijn om die bepaalde keuze te maken. Luister heel eerlijk naar het gevoel dat je krijgt bij deze voorstelling. De keuze die voor jou het beste is, geeft je meestal een gevoel van innerlijke rust. De keuze die niet geschikt is, levert eerder een gevoel van spanning op.
  • Let ervoor op dat je een beslissing niet louter neemt om te voldoen aan de verwachtingen van anderen.

Omdat een genomen beslissing bij hooggevoeligen vaak nog lang blijft nazinderen (Heb ik nu wel de juiste keuze gemaakt? Had ik toch niet beter voor de andere optie gekozen?…), volgen hier enkele tips die je kunnen helpen met loslaten:

  • Mindfulness kan je helpen om te aanvaarden wat is. Het helpt je ook om in te zien dat je niet verantwoordelijk bent voor alles wat je overkomt, dat het leven bestaat uit goede en slechte tijden ongeacht de keuzes die je maakt. Het helpt je om te beseffen dat de perfecte optie niet bestaat.
  • Maak een lijstje met alle redenen waarom je een bepaalde beslissing genomen hebt. Dit lijstje kan je dan telkens opnieuw bekijken wanneer gevoelens van schuld of spijt met betrekking tot deze keuze de kop op steken.
  • Onthoud dat het hebben van succes of geluk niet volledig afhangt van de keuzes die je maakt!

Uit het artikel ‘Gevoelige keuzes’ dat ik enkele jaren geleden schreef voor de Nieuwsbrief van HSP Vlaanderen (de Vlaamse Vereniging voor hooggevoelige personen)